17/09/2021
Het werd een groots volksfeest zondag op het Polenplein in Roeselare. Met de geboorte van Jempi, de 18de reus van Roeselare, realiseerde Johan Huvaere, voorzitter van de reuzenvereniging Reusselaere zijn droom: de wielerheld van de Rodenbachstad in een reuzenlijf gieten als eerbetoon aan de jonge Jean-Pierre Monseré die in 1971 omkwam tijdens een kermisrit in Retie. Een jaar eerder had hij het wereldkampioenschap voor de profs in Leicester gewonnen.
“Het moet een feest worden voor en door het volk”, zegt Peter Kiepe, de regisseur van het geboortefeest en de aansluitende reuzenstoet. Hij kreeg gelijk want onder een prachtig herfstzonnetje daagden vorige zondag talrijke kijklustigen op. Niet alle commentaren over de nieuwe reus waren volmondig positief. Het moet gezegd dat Jempi er een ‘beetje zwaar’ bijliep, het corpulente lijf was op meer vlakken niet in verhouding met de prachtige kop die er opstond. Een fenomeen dat je wel ziet bij meer coureurs die de fiets een tijd langs de kant laten staan, maar geen onoplosbaar probleem want aan het karkas kan worden gewerkt. In de stoet van de dertig reuzen die zondag door de straten van Roeselare wandelden en rolden, was het wel een onderwerp. De meeste reuzen waren rank en slank, Jempi kwam als laatste in de rij en ontlokte naast vele ‘oohs’ en aahs’ toch ook heel wat opmerkingen over zijn omvang.
De eindbeoordeling over het geboortefeest en de optocht blijft echter positief en doet je wegdromen naar de mogelijkheden die een stad als Roeselare krijgt met zo’n prachtige reuzentraditie. De optocht van zondag deed denken aan de goede oude tijd toen reuzen nog prominent aanwezig waren tijdens de vele optochten die door de straten trokken.
Vlaams erfgoed
Vlaamse reuzen maken al eeuwen deel uit van het Vlaamse erfgoed. Het is een grensoverschrijdend fenomeen want ook in Frans-Vlaanderen had elk dorp of elke stad wel één of meer reuzen op stal staan die ten gepaste tijden werden buiten gerold of gedragen voor een stoet of optocht. Een traditie die de laatste decennia aan het tanen was, maar die in de eerste helft van de 20te eeuw massa’s volk op de been bracht. Religieuze optochten, historische praalstoeten of andere ommegangen waren toen niet geslaagd als er niet één of meer reuzen meeliepen. In de tijd dat levend erfgoed nog als folklore werd bestempeld waren er zelfs ‘Reuzencongressen’, feestdagen waar alle reuzen van de streek aan deelnamen. In Kassel verzamelden in 1928 30 reuzen uit Frankrijk en België, in 1956 tijdens het Pinkstercongres kwamen er in Rijsel zelfs 60 reuzen op bezoek. Het geboortefeest van Jempi deed daar aan denken, met 30 reuzen uit Vlaanderen en een paar uit Noord-Frankrijk leek het wel op de grote traditie van weleer. En tradities zijn er om in ere gehouden te worden. Waarom niet?
Reuzen werden tijdens Franse Revolutie uit openbaar leven verbannen
In het verleden kreeg de reuzenfamilie het regelmatig zwaar te verduren, tijdens de Franse revolutie werden de reuzen bijvoorbeeld uit het openbare leven verbannen. Maar de giganten hebben de Franse revolutie overleefd en beleefden later een ware heropleving. Sinds de jaren zestig werd het reuzenpatrimonium ook in onze streken wat verwaarloosd. Maar er is geen enkele reden waarom we nu niet aan de start van een echte reuzenreveille zouden staan. Zeker met de steun van verenigingen als Reusselaere die hopelijk aan dezelfde weg blijven timmeren. In tijden waar besturen veel belang hechten aan stadsmarketing, kunnen Jempi en de andere reuzen tot een belangrijke troef uitgroeien om een stad als Roeselare nog meer leven in te blazen.