11/09/2019
Maggie May.. or may notâŠ.
De ontmaagding van Rod Stewart was niet bepaald een daverend succes, maar wérd het uiteindelijk wel. Voor hemzelf.
In 1971 was Rod Stewart nog lid van The Faces, maar werkte ook al aan zân 3e solo album: âEvery Picture Tells A Storyâ. Een van de singles van dat album werd âReason To Believeâ, maar toch veren beduidend meer popliefhebbers op als ze de titel van de B-kant horen: âMaggie Mayâ. Het album en dit B-kantje werden Rodâs definitieve doorbraak.
De platenmaatschappij zocht een B-kantje bij âReason To Believeâ. Rod Stewart en gitarist Martin Quittenton maakten samen de aanzet. Martin speelde onverwacht een riedeltje bij Rod thuis. Rod begon als tekst gedachte âMaggie Maeâ mee te zingen, een brits volksliedje over een prostituee dat door The Beatles een jaar eerder op het album âLet It Beâ was gezet.
Dat bracht Rod Stewart bij de herinnering aan zijn ontmaagding door een oudere vrouw tijdens Beaulieu Jazz Festival in 1961. Die herinnering werd de basis voor Rodâs eigen âMaggie Mayâ tekst. Die bewuste dame heette overigens niet Maggie May. âZe overweldigde me in een bier tent en ze was ouder en nogal lang. Hoeveel ouder weet ik niet, maar vast en zeker oud genoeg om heel teleurgesteld te zijn over de snelheid waarmee de hele ervaring zo weer voorbij wasâ, vertelt Stewart later enigszins beschaamd in zijn biografie.
Voor de opname van Maggie May werden Stewart en de band opgeroepen naar de studio te komen. Ze speelden de song in één keer in, maar wel met een probleempje. Drummer Mickey Waller ging er namelijk van uit dat de studio wel een drumstel had staan. De studio grabbelde een drumstel bij alkaar, maar de bekkens werden niet gevonden. De bekkens zijn dus later alsnog op de studio-tape ingespeeld.
Het hele liedje klopt eigenlijk ook niet, als je de producers en platenmaatschappij filosofieĂ«n volgt. Een liedje mag liefst maar een minuutje drieĂ«nhalf duren en moet een chorus (terugkerend) refrein bevatten. Want lange liedjes krijgen, volgens platenbazen, geen airplay bij radio stations en een liedje moet âçatchyâ en meezingbaar zijn. Daarnaast bevatte Maggie May ook nog eens een, voor Rock begrippen, zeer ongebruikelijk en nogal opvallende Mandoline geluid. Dat instrument hoorde bij de Folk muziek.
Maar ja, het was maar een B-kantje. De volledige 5:15 minuut LP opname werd ingekort tot een versie van 4:07 minuten en als B-kantje geperst. Hup, de markt op met dat ding.
De A-Kant âReason To Believeâ leverde echter geen noemswaardige aandacht en airplay op. Totdat DJâs de single omdraaiden en de B-Kant airplay ging geven. (Het station WOKY in Milwaukee was het eerste radiostation die Maggie May airplay gaf). De B-kant âMaggie Mayâ behaalde vervolgens de nummer 1 positie in USA en Groot BrittaniĂ«. In Nederland bereikte de song de nummer 3 positie in de hitlijsten.
Nog één weetje bij Maggie May: Op de LP begint Maggie May met een niet benoemd intro op de album hoes of het label. Een korte track van zoân 27 seconden, waarop alleen en gitarist Martin Quittenton te horen is die Mandoline speelt. Dat intro hoort dus eigenlijk bij Maggie May.
En ook dĂĄt is weer bijzonder, want de mandoline in de song Maggie May wordt helemaal niet gespeeld door Martin Quittenton. Dat was namelijk de ingehuurde muzikant Ray Jackson (van de band Lindisfarne) die, naar eigen zeggen, voor het bedrag van 15 dollar het liedje inspeelde. Hij beklaagde zich er jaren later over dat hij nooit de credits kreeg voor zijn noemenswaardige bijdrage aan het liedje. Die verontwaardiging werd versterkt door Stewarts opmerking op de album credits: âDe mandoline werd gespeeld door de iemand van Lindisfarne, maar zân naam is me ontschotenâ.
Inmiddels staat de naam van Ray Jackson, geheel terecht, vermeld bij de credits van Maggie May.
Tot slot, in het hele liedje komt de naam Maggie May trouwens niet voor in de tekst.
Personeel:
* Rod Stewart (zang)
* Ronnie Wood (electrische gitaar, twaalf-snarige gitaar & bas gitaar)
* Martin Quittenton (akoestische gitaar)
* Micky Waller (Drums (en bekkens, dus))
* Ian McLagan (Hammond orgel)
* Ray Jackson (Mandoline)
* Pete Sears (Celesta orgel)
(video: Henry (intro) + Maggie May van het album Every Picture Tells A Story)
Let's Pop 'n' Roll - Luister de non-stop Big1 playlist via big1.nl
Wake up Maggie, I think I got something to say to you It's late September and I really should be back at school I know I keep you amused but I feel I'm being...