30/07/2014
Valt er te leven met mij?
Best wel, ik doe het immers al meer dan vijftig jaar. Leven met mijzelf wel te verstaan! Ik ben dan ook wel bevooroordeeld om hier echt in alle objectiviteit een eerlijk antwoord op te geven. Toch wil ik best een poging wagen om een beeld van mij te schetsen dat realistisch genoeg is om niet door mijn naaste omgeving op hoongelach te worden onthaalt. Mij zo weergeven, dat ik er herkenbaar uitkom zonder mij aan overdrijven te bezondigen. Best wel moeilijk, want wie zet zichzelf nu eens niet graag een keertje in de kijker.
Dat ik een goedgevuld leven leidt met nog amper wijkende pijn, daar ga ik niet over uitweiden. Dat ik graag in de belangstelling sta zonder echt op het voorplan te treden, is een ‘kunst’ die ik mij de afgelopen jaren eigen heb gemaakt! Laat dit nu net samenvallen met de periode waar ik met schrijven begon. Toeval of niet, het heeft mijn horizonten verruimd.
Dat ik wispelturig ben zullen vele die mij kennen maar al te graag beamen. Dit gaat alle richtingen uit. Een dagplanning opstellen heeft bij mij dan ook weinig nut, gewoon omdat schema’s volgen niet echt mijn ding is. ‘We zien wel als het komt’, is mijn stelling. In welke volgorde moet steeds weer blijken en wordt voortdurend (meestal door mijzelf) bijgestuurd, soms tot frustratie van degenen die dan juist in mijn gezelschap vertoeven. Het heeft ook voordelen. Verveling is er immers niet bij. Als alles netjes afgemeten is, slaat die vliegensvlug toe.
Ben ik gemoedelijk? Best wel, maar dit wil niet zeggen dat ik over mij laat lopen. Ik kan heus mijn mannetje staan in netelige situaties en ben doortastend genoeg om ertegen in te gaan. Met ander woorden, de kalmte zelve, maar maak mij niet kwaad, zeker niet als het om onrechtvaardigheden gaat. Mijn stem durft zich dan al eens te verheffen om tot oplossingen te komen. Maar daar blijft het wel bij. Dialoog is in mijn ogen immers nog steeds de beste manier om geschillen op te lossen. Er zijn er ongetwijfeld die meer doortastende middelen gebruiken, maar dit is niet aan mij besteed.
Op zoek naar de romanticus dan! Tja…. In hoeverre kan je een ruwe kassei bewerken om tot de gewenste vorm en uitstraling te komen? Je kan bezig blijven, tot er uiteindelijk een waardeloos stukje steen overblijft waar al het herkenbare is uit verdwenen net omdat het te gekunsteld is. Te gemaakt! Ik doe mijn best, maar verzink in het niets bij de ‘Valentino’s’ van deze tijd.
Daar staat dan weer tegenover, dat ik in geschreven woorden wel emotionele gevoeligheden tentoonspreid. Een mooi gedicht of pakkend verhaal zijn altijd al gebruikt voor de meest verleidelijke doelstellingen. In dat opzicht heb ik dan toch enige romantische trekjes, wat een hele opluchting is.
Al bij al ben ik dus vrij gewoontjes. Niet echt impulsief maar eerder afwachtend. Geen drinker maar bijna koffieverslaafd. Van hoogbegaafdheid geen sprake, maar leep-verstandig. Tamelijk schuchter maar graag alomtegenwoordig.
Wie op mijn tenen trapt, zal het geweten hebben, want zulke zaken vergeet ik niet. Het blijft altijd wel ergens hangen. Wat niet wil zeggen dat ik nooit vergevingsgezind ben, integendeel.
Kwaad blijven doe ik nooit. Dit gevoel schrijf ik gewoon van mij af. Op een manier zo subtiel, dat waar het om gaat duidelijk aan de oppervlakte komt. Ik hoef zelfs geen namen te noemen, zo herkenbaar is het.
Altijd en overal ben ik bereid om een helpende hand toe te steken. Als ik mij er dan voor inzet, ga ik tot het uiterste. Mijn enthousiasme is moeilijk te temperen en dan gebeurt het wel eens dat je het spreekwoordelijke ‘deksel op je neus krijgt’. Ook dat zijn zaken die ik al meermaals heb ervaren. Inzet wordt niet altijd naar waarde geschat maar ook daar hoef ik niet over uit te weiden.
De humor in mij is niet overheersend, wat niet wil zeggen dat ik er geen bezitten zou. Plagen kan ik als geen ander, maar ook weer met mate en de nodige terughoudendheid. Zelf geplaagd worden is helemaal geen probleem. Ik kan best tegen een st***je.
Er valt dus echt wel te leven met mij. Hoewel ik deze tekst beter door mijn naaste omgeving had laten opmaken. Misschien kwam ik er dan wel niet zo ‘voorbeeldig’ uit. Maar zoals in de beginstrofe reeds gesteld; ik ben (te) bevooroordeeld, en daarom misschien dat het beeld van mij in deze lap tekst misschien wat te rooskleurig is weergegeven. Maar wie ben ik, om mezelf daarin tegen te spreken. Ik ben wie ik ben, niets meer maar ook niets minder….