28/08/2026
Bulan, een Sumatraanse orang-oetan die werd gered uit handen van handelaren in wilde dieren, heeft zeven jaar na haar terugkeer in het wild een jong gekregen. Medewerkers in het veld zagen haar in mei in een beschermd bosgebied in het noorden van Sumatra met een kleine mannelijke orang-oetan in haar armen.
Het jong was op dat moment naar schatting ongeveer een maand oud. Hij heeft inmiddels de naam Badar gekregen. Die naam betekent „volle maan”. Dat sluit aan bij de naam van zijn moeder Bulan, die „maan” betekent.
De geboorte is bijzonder omdat Bulan eerder zelf afhankelijk was van menselijke hulp. Nadat ze uit de illegale handel in wilde dieren was gered, werd ze gerehabiliteerd. Vervolgens kon ze worden vrijgelaten in een beschermd leefgebied, waar ze opnieuw zelfstandig in de natuur moest leren leven.
Zeven jaar na haar vrijlating blijkt Bulan zich niet alleen in het gebied te hebben gevestigd, maar zich daar ook voort te planten. Badar kan daardoor vanaf zijn geboorte opgroeien in het wild en bij zijn moeder de vaardigheden leren die hij nodig heeft om zelfstandig te overleven.
Badar is het tiende jong dat is geboren uit orang-oetans die zijn uitgezet in het Jantho Orangutan Release Area. Het programma in dit gebied begon vijftien jaar geleden en is bedoeld om gerehabiliteerde orang-oetans opnieuw een bestaan in hun natuurlijke leefomgeving te geven.
De Sumatraanse orang-oetan staat sterk onder druk. Volgens de informatie uit de bron leven er naar schatting nog 11.694 exemplaren in het wild. Het behoud van geschikte en beschermde leefgebieden is daarom belangrijk voor het voortbestaan van de soort.
Natuurbeschermers zien geboortes zoals die van Badar als een belangrijk resultaat van langdurige rehabilitatie en herintroductie. Het laat zien dat geredde dieren na hun terugkeer in de natuur in staat kunnen zijn om zich voort te planten en zo bij te dragen aan een nieuwe wilde populatie.
Bulan en haar jong zijn in het beschermde bos waargenomen terwijl zij zich door de bomen bewogen. Hun situatie onderstreept volgens natuurbeschermers het belang van een combinatie van opvang, rehabilitatie, herintroductie en langdurige bescherming van het leefgebied van de Sumatraanse orang-oetan.
Bulan, een Sumatraanse orang-oetan die werd gered uit handen van handelaren in wilde dieren, heeft zeven jaar na haar terugkeer in het wild een jong gekregen. Medewerkers in het veld zagen haar in mei in een beschermd bosgebied in het noorden van Sumatra met een kleine mannelijke orang-oetan in haar armen.
Het jong was op dat moment naar schatting ongeveer een maand oud. Hij heeft inmiddels de naam Badar gekregen. Die naam betekent „volle maan”. Dat sluit aan bij de naam van zijn moeder Bulan, die „maan” betekent.
De geboorte is bijzonder omdat Bulan eerder zelf afhankelijk was van menselijke hulp. Nadat ze uit de illegale handel in wilde dieren was gered, werd ze gerehabiliteerd. Vervolgens kon ze worden vrijgelaten in een beschermd leefgebied, waar ze opnieuw zelfstandig in de natuur moest leren leven.
Zeven jaar na haar vrijlating blijkt Bulan zich niet alleen in het gebied te hebben gevestigd, maar zich daar ook voort te planten. Badar kan daardoor vanaf zijn geboorte opgroeien in het wild en bij zijn moeder de vaardigheden leren die hij nodig heeft om zelfstandig te overleven.
Badar is het tiende jong dat is geboren uit orang-oetans die zijn uitgezet in het Jantho Orangutan Release Area. Het programma in dit gebied begon vijftien jaar geleden en is bedoeld om gerehabiliteerde orang-oetans opnieuw een bestaan in hun natuurlijke leefomgeving te geven.
De Sumatraanse orang-oetan staat sterk onder druk. Volgens de informatie uit de bron leven er naar schatting nog 11.694 exemplaren in het wild. Het behoud van geschikte en beschermde leefgebieden is daarom belangrijk voor het voortbestaan van de soort.
Natuurbeschermers zien geboortes zoals die van Badar als een belangrijk resultaat van langdurige rehabilitatie en herintroductie. Het laat zien dat geredde dieren na hun terugkeer in de natuur in staat kunnen zijn om zich voort te planten en zo bij te dragen aan een nieuwe wilde populatie.
Bulan en haar jong zijn in het beschermde bos waargenomen terwijl zij zich door de bomen bewogen. Hun situatie onderstreept volgens natuurbeschermers het belang van een combinatie van opvang, rehabilitatie, herintroductie en langdurige bescherming van het leefgebied van de Sumatraanse orang-oetan.