13/06/2023
Nooit geweten. De vlier schijnt zo’n beetje goed voor alles te zijn. 🌿🌳
Zoals elke maandag weer een verhaal uit de boerenmagie; dit keer over de vlier. De vlier behoort tot de bomen en struiken die van oudsher veel op Twentse boerenerven worden aangetroffen. Bezoekers van het platteland menen vaak ten onrechte, dat de boeren die als versiering hebben geplant. Niets is minder waar. Alles moest vroeger een praktische of magische waarde hebben.
Van praktisch nut was de vlier als afweer tegen muggen door takken voor geopende ramen of deuren te hangen. Om mollen te verdrijven werden vliertakken in de molshopen gestoken. De mollen zouden een hekele hebben aan de geur (schijnt inderdaad te werken). De bessen werden gebruikt bij het bereiden van alcoholische drankjes.
De vlier werd ook veel toegepast in de volksgeneeskunst, o.a. in geneesmiddelen tegen verstoppingen en bij maagklachten, tegen reuma en als hoestwerend middel.
De magische waarde was echter verreweg het belangrijkst.
De vlier zou tegen alle mogelijke kwalijke zaken bescherming bieden, o.a. tegen blikseminslag, hagel, veeziekten, boze geesten en heksen. Geplant bij de stal zou de vlier het vee tegen toverij beschermen. In de Walpurgisnacht (1 mei) werden vliertakken in de akkers gestoken of bevestigd aan de ramen en deuren als afweer tegen de dan agressief optredende heksen. Slapen onder een vlierstruik zou de genezing van ziekten bevorderen.
De vlier biedt ook bescherming tegen de nachtmerrie. Die stelt men zich voor als een afzichtelijke en kwaadaardige figuur die ’s nachts bij u in bed kruipt, op uw borst gaat zitten en probeert om u te verstikken. Als u gekruiste vliertakken voor uw bed legt, kan de nachtmerrie u niet lastig vallen. “Merrie” heeft overigens niets met paarden te maken. De oorsprong is het oude woord “mara”, dat “boze geest” betekent.