31/03/2026
UNIEK BOEK SHIRTS-GESCHIEDENIS
VAN HET NEDERLANDS ELFTAL
Bij Kick uitgevers verschijnt binnenkort een uniek boek over de geschiedenis van de shirts die het Nederlands Elftal vanaf het officiële begin in 1905 heeft gedragen. Een team van shirtsverzamelaars heeft in totaal ruim 250 gedragen shirts bij elkaar gebracht, die door de modefotografe Julie Vielvoije zijn vereeuwigd. Het oudste shirt is het 103 jaar oude, flanellen tricot dat de Haagse verdediger Harry Dénis op 10 mei 1923 in Hamburg droeg bij de interland Duitsland-Nederland.
De cover en de achterflap laten het allerbelangrijkste Oranje-shirt zien. Dit is het shirt dat Marco van Basten in de tweede helft droeg bij de EK-finale op 25 juni 1988 tegen de Sovjet-Unie. In dat shirt maakte hij zijn legendarische doelpunt dat doelman Rinat Dassajev te machtig was. De honderden foto’s die van de finale op tafel kwamen te liggen, wezen via microscopische vergelijking uit dat Van Basten in de eerste helft een ander shirt met rugnummer 12 droeg dan na de rust. Het shirt is in bezit van journalist Hugo Borst en was eerder te zien in het Nationaal Voetbalmuseum in Middelburg.
Het ultieme shirtjesboek over Oranje beperkt zich niet tot het tonen van honderden gedragen shirts. Een collectief van journalisten heeft bij de shirts veelal onbekende verhalen geschreven. De schrijvers die zich in deze geschiedenissen hebben verdiept zijn Jaap Visser, Menno Pot, David Endt, Ronald Jonges, Chris van Nijnatten, Henk Mees en Matty Verkamman.
Henk Mees en Matty Verkamman zijn voor een bijzondere reportage voor dit boek anderhalve week in Suriname geweest. Nu een belangrijk deel van de internationals uit de afgelopen decennia Surinaamse roots hebben, vertellen de twee journalisten de verhalen aan de hand van bezoeken aan diverse plekken in Suriname en ook via interviews aldaar. De kern van dit hoofdstuk betreft het levensverhaal van Humphrey Mijnals, in het voorjaar van 1960 de eerste Surinaamse speler van het Nederlands Elftal. Ook is een bezoek gebracht aan het inmiddels in verval geraakte Clarence Seedorf Complex, ruim buiten Paramaribo, waar het de bedoeling was Surinaamse talenten op te leiden voor het topvoetbal. Helaas is daar niet veel van terecht gekomen.
In Fort Zeelandia hebben Mees en Verkamman het gedetailleerde verhaal gereconstrueerd over de moord door het militaire regime van Desi Bouterse op 8 december 1982 op 15 prominente Surinamers. Onder de slachtoffers behoorde ex-international en bondscoach, en minister van cultuur, jeugd en sport André ‘Ampie’ Kamperveen. Verkamman was bevriend met Kamperveen en trok in de zomer van 1982 tijdens de WK-eindronde in Spanje enkele weken op met Kamperveen, die toen in Spanje was als vice-president van de wereldvoetbalfederatie FIFA. Enkele kopstukken uit het Surinaamse voetbal vertellen over de dodelijke naïviteit van Kamperveen. Hij had geen flauw idee dat de clan van Bouterse ook hem op het oog had. Voordat hij thuis werd opgepakt werden daar eerst zijn honden doodgeschoten. In het Fort Zeelandia werd Kamperveen - in 1954 de eerste Surinamer in het Nederlandse betaald voetbal, bij Haarlem - eerst gruwelijk mishandeld, voordat op de 'Ballustrade Veere’ in het Fort een salvo van achttien kogels een einde aan zijn leven maakte. Op nauwelijks tien meter van de Balustrade keek de uit steen gehouwen jonge koningin Wilhelmina uit over de Surinamerivier.
‘Het Oranje Shirt’ is in groot formaat een dikke pil van 552 bladzijden. Voor de Oranjefan is er tot 28 april de mogelijkheid met zijn of haar naam in het boek te worden opgenomen onder de kop: ‘Wij zijn Oranje’. Op het boek kan worden ingetekend via de webshop van Kick uitgevers.
https://www.kickuitgevers.nl/onze-boeken/sport/het-oranje-shirt/